Moeten we het kleuteronderwijs anders in gaan richten? Hoe denk jij hierover?

Pilot Klaar-voor-de-Startklas smaakt naar meer

Twee groepen van elk acht jonge kleuters namen afgelopen zomervakantie deel aan de Klaar-voor-de-Startklas die schoolbesturen AWBR en STWT organiseerden op de Tijl Uilenspiegelschool in Bos & Lommer en de Slotermeerschool. Kinderen die al wel naar school gaan, maar daar nog niet goed toe in staat zijn, kregen drie weken lang, vier dagen per week intensieve begeleiding om de basisvaardigheden te leren die nodig zijn om te functioneren in een groep. Ze kunnen bijvoorbeeld nog niet stilzitten in een kring, zelfstandig hun jas ophangen, of luisteren naar een ander. De groep werd begeleid en gemonitord door Noortje Meijer, Elize Mijnssen en Pamela Burwinkel van THUIS Orthopedagogen.

Succesvolle start in het basisonderwijs

Het doel van de de Klaar-voor-de-Startklas was om de kinderen voor te bereiden op een succesvolle start in het basisonderwijs. Dat begint bij het aanleren van basale communicatieve vaardigheden: wachten op je beurt, kunnen vragen wat je nodig hebt, stil kunnen zijn. Door de ouders daar ook intensief bij te betrekken – alle ouders namen iedere dag deel aan de dagopening  – begrijpen ouders beter wat er nodig is om op school te kunnen functioneren. Als de communicatie op orde is, kan gewerkt worden aan zelfredzaamheid (bijv.: zelf naar de wc kunnen en ook weer terugkeren in de klas), en vervolgens aan basale sociaal-emotionele vaardigheden. 

Ouders meer betrokken

De resultaten waren bemoedigend: de meeste kinderen waren na drie weken beduidend beter in staat om te functioneren in een groep. Een ‘bijvangst’ was ook dat de ouders meer betrokken raakten bij wat het kind nodig heeft om succesvol naar school te kunnen gaan: ze zagen wat zij zelf konden doen om hun kind te ondersteunen.

Wat lastig bleef voor de meeste kinderen was uitgestelde aandacht (even op je beurt wachten) en emotieregulatie. Ook een beperkte taalontwikkeling is een belemmering, vooral op het niveau van communicatie, jezelf kunnen uiten. Bijna alle kinderen die deelnamen aan de pilot hebben een NT2-achtergrond en spreken van huis uit geen Nederlands. 

Problemen

De problematiek van jonge kinderen die eigenlijk nog niet klaar zijn voor de start in het basisonderwijs, maar daar wel recht op hebben, is groeiend. De oorzaken kunnen divers zijn: achterstanden veroorzaakt door de lockdowns tijdens de eerste jaren van hun leven; armoede en daaruit voortvloeiende problemen in het gezin; en specifiek voor Amsterdam: het wegtrekken van de middengroepen uit de stad zodat alleen de sociaal-zwakkeren en de beter gesitueerden overblijven. 

Oplossingen

Veel scholen worstelen hiermee en zoeken naar oplossingen, vaak nog ieder voor zich. De een werkt goed samen met de voorschool, de ander organiseert een eigen ‘nulgroep’ waar kinderen worden voorbereid voor de start in groep 1. OBS de Globe laat zelfs alle kleuters starten in een nulgroep voordat ze doorstromen naar de kleuters, op het moment dat ze daar klaar voor zijn. 

Er is zeker behoefte aan meer samenwerking, ook met bijvoorbeeld het Kabouterhuis en OKIDO. Gedacht wordt ook aan het creëren van een tussenvoorziening, te financieren door de gezamenlijke schoolbesturen, waar alle scholen in de buurt gebruik van kunnen maken. Wat ook zou helpen is dat alle kinderen, in ieder geval de kinderen die het nodig hebben, gebruik gaan maken van de voorschool. Voor de eigen bijdrage van € 16,- per maand die de gemeente hier nu nog voor vraagt, kan eventueel een oplossing worden gevonden.

Binnenkort onderzoeken we hoe OBS de Globe haar ‘nulgroep’ heeft georganiseerd. Voor het onderwijs als geheel is een actuele vraag: moeten we het kleuteronderwijs misschien anders gaan inrichten, gezien de grote problematiek onder jonge kinderen? Hoe denk jij hierover? Laat het ons weten via info@benindebuurtblijfindebuurt.nl. 

Deel deze pagina: