Privacy? Het belang van het kind staat altijd voorop!

‘Er is geen mooiere wet dan de AVG’

Hoe vaak zeggen we niet tegen elkaar: ‘Helaas, dit mag niet van de AVG’? Soms gebruiken we het zelfs als handig excuus om niets te hoeven doen. Terwijl er eigenlijk, zo stelt juridisch adviseur Jolanda van Boven met een glinstering in haar ogen, geen mooiere wet is dan de AVG. “De AVG is de motor om goed te kunnen samenwerken, in het belang van het kind,” vertelt ze in haar workshop op de miniconferentie Jong Geleerd die de gemeente Amsterdam organiseerde op 8 februari jl. in de Meervaart in Osdorp. 

We moeten even schakelen: de Algemene verordening gegevensbescherming, oftewel AVG, dat is toch die ingewikkelde privacywet die voorschrijft dat je overal expliciete toestemming voor moet hebben voordat je ook maar het kleinste beetje informatie over een kind mag delen? Allerminst, zegt Jolanda van Boven: de verordening is er juist voor om samenwerken rond een kind makkelijker te maken. Privacy staat daarbij zeker niet op één. Het belang van het kind wel. En wat het belang van het kind is, dat weet de professional het beste. 

Vanuit je professionele hart

Belangrijk is wel dat je verantwoording kunt afleggen over waarom je informatie uitwisselt. Je doel moet helder zijn, en dat doel bepaal je vanuit je professionele hart, vanuit het belang van het kind. Een zekere mate van dossiervorming is daarbij onvermijdelijk, en ook goed, omdat het je helpt te omschrijven waarom je doet wat je doet. Als je het dus goed vastlegt, is er geen rechter die vraagt: maar waar is de handtekening? Het dossier houd je bij voorkeur zo beknopt mogelijk: alleen wat noodzakelijk is om te delen, zet je erin. En wat noodzakelijk is, dat bepaal jij, als professional. Vervolgens zorg je ervoor dat iedereen die betrokken is bij een kind toegang heeft tot de relevante informatie. Je mag elkaar erop aanspreken dat de juiste informatie met elkaar wordt gedeeld, zodat je van elkaar weet waar je mee bezig bent, zolang het een functie heeft in het belang van het kind. 

Internationaal recht

Het mooie van de AVG is ook dat zij valt onder het internationaal recht. Dat betekent dat zij boven beroepscodes en nationaal recht staat. Zo zijn bijvoorbeeld de uitspraken van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens altijd leidend, evenals het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind. De AVG moet vanuit dat perspectief beoordeeld worden. Zaken als het recht op zorg, het recht op onderwijs en het belang van het kind spelen allemaal een rol in de afweging die je maakt, en niet alleen het recht op zelfbeschikking, op privacy. Dat kan de boodschap zijn naar ouders: we werken samen aan wat goed is voor het kind.

Gij zult samenwerken!

En die handtekening dan, dat formulier dat we ouders laten ondertekenen om toestemming te geven gegevens te mogen delen? Het heldere advies van Jolanda van Boven aan de leidinggevenden binnen het sociale domein is: stop daarmee. Toestemming is aan zoveel voorwaarden gebonden, daar kun je nooit aan voldoen binnen het sociale domein, stelt ook de Autoriteit Persoonsgegevens duidelijk. Om een vergelijking met het verkeer te maken: toestemming vragen is de vluchtstrook, zorg beter dat je op de hoofdbaan blijft. En die hoofdbaan is: gij zult samenwerken – daarvoor is de AVG bedoeld – en dat doe je transparant, doelgericht en in het belang van het kind. Voor professionals binnen het sociale domein is de bijna bevrijdende boodschap: de AVG staat achter je. 

Deel deze pagina:

Wijkverbinder Eugenie Suer: ‘Wat een bijzondere wijken om in te mogen werken!’